In de pers
Brabantsdagblad 8 januari 2009 in een serie over bedrijven uit de regiodie een eigen product op de markt brengen.
Bedrijf: Engelenwaden uit Rosmalen.
Product: de lijkwade
Lijkwade: eigen accent aan begrafenis
ROSMALEN - Jetske van Engelen wil - als ze overlijdt - gewikkeld worden in de eerste lijkwade die ze heeft gemaakt. "Daar zitten nog alle beginnersfouten in. Verschillende stukken zijn aan elkaar genaaid. Nu maak ik ze uit één stuk", zegt de Rosmalense.Met haar eenvrouwsbedrijf begeeft ze zich op een markt die sterk in ontwikkeling is. Steeds meer mensen willen hun stempel drukken op de eigen uitvaart of op die van geliefden."Ze willen hun eigen muziek, hun eigen rituelen en ook wat anders dan die standaard kist. Ik ben mensen tegengekomen die per se geen kist willen, omdat het opgesloten zijn hen angstig maakt." Van Engelen (51) rolde per toeval een jaar of zes geleden de uitvaartbranche in. "Ik zag een advertentie voor uitvaartondernemer. In de persoonlijke sfeer had ik een paar uitvaarten meegemaakt en ik heb toen ook een tijdje meegelopen bij een uitvaartonderneming." Met haar achtergrond van schilderen en textiele vormgeving resulteerde dit in het maken van lijkwades." Er zijn allerlei culturen waarin lijkwades worden gebruikt. Bij sommige Afrikaanse volkeren werken mensen hun hele leven aan een lijkwade. In Nederland is het gebruik sinds een aantal jaren toegestaan. Voorwaarde is dat de lijkwade niet opruiend is. Je mag dus niet worden begraven, gewikkeld in een nazi-vlag. De wade moet zijn gemaakt van natuurlijk materiaal, zodat hij kan vergaan." De aanvragen voor een lijkwade komen meestal 'uit spirituele hoek'. Voor haar lijkwades gebruikt Van Engelen honderd procent wol, gecombineerd met zijden, linnen of katoen. De ruwe wol is afkomstig van de schapenrassen Schonebeeker en Drents Heideschaap, die ze koopt bij een herderin in Veghel. Verder krijgt ze geverfde wol van het Merinoschaap aangeleverd. "Ik ben de enige die wol gebruikt."Het vilten van de wol is een langdurig en ingewikkeld procédé. Alle wades zijn handgemaakt. "Een lijkwade zonder tierelantijnen kost me twintig dagen werk. Het basistarief is 900 euro. Willen mensen er allerlei motieven op, dan wordt het meer; ik reken uren." En het moet gezegd, de stalen die ze heeft gemaakt van wat er allemaal mogelijk is, zien er prachtig uit: van uitbundige zonnebloemen en kleurige vlinders tot ingetogen veren in grijstinten en mystieke motieven. Maar soms zijn er ook andere wensen. Zo loopt er iemand in Nederland rond die in een groen veld met lijnen en een witte stip wil worden gewikkeld. Dat moet een voetbalfan zijn. Van Engelen kreeg de vraag tijdens een uitvaartbeurs in Haarlem. Zoals ook de vraag van een man die als bruidje begraven wil worden. Het liefst laat ze zich inspireren door mensen die hun eigen begrafenis regisseren. "In overleg kan ik dan een kleed maken, waarin tot uiting komt wat belangrijk is geweest in iemands leven." Voor plotselinge overlijdens heeft Van Engelen tien lijkwades op voorraad. Even binnen drie dagen een wade op wens maken is er niet bij. "Dat lukt me niet. Het maken van een wade duurt minstens drie weken. Ik gebruik veel water tijdens het vilten en dat zal moeten drogen. Het is een heel bewerkelijk proces."
Door Kees Bechtold, foto Sandra Peerenboom
In "Het Uitvaartwezen" april 2009
Vilten lijkwaden
Voor het milieu zou het goed zijn als de traditie van lijkwaden weer terugkwam. Ervan uitgaande dat die lijkwaden van goed afbreekbaar materiaal gemaakt zijn. Bij vilten exemplaren van Jetske van Engelen is dat het geval. Ze zijn gemaakt van wol van het Merinosschaap, het Drentse Heideschaap of de Schoonebeeker. Bij sommige kleden wordt de katoenen voering meegevilt of combineert Van Engelen met andere natuurlijke materialen, zoals katoen, jute en zijde.
Vilt is erg geschikt om lijkwaden van te maken, omdat het sterk isolerend is. Dat is van belang voor de koeling van de overledene. Vilt is ook in staat om veel vocht vast te houden zonder zelf vochtig aan te voelen. Van Engelen maakt twee modellen: een rechthoekig (2x3m) en een met een sjaalkraag.
In "Viltkontakt" maart 2010
Hoe ik ertoe kwam om "Engelenwaden" te gaan maken.
Textiel heeft bij mij altijd een grote belangstelling gehad. Voorheen heb ik veel gesponnen en geweven.
Na mijn middelbare schoolopleiding wilde ik het liefst naar de kunstacademie vanwege mijn grote belangstelling voor schilderkunst, maar mijn vader vond dat ik ook een beroep moest kiezen en daarom heb ik een opleiding in de zorg gedaan. Hierna ben ik in Enschede naar de kunstacademie gegaan. Om geld te verdienen maakte ik in winkels decoraties en muurschilderingen.
Uiteindelijk ben ik in de zorg gaan werken om meer zekerheid te hebben in inkomen.
Als ik in de stad liep zag ik regelmatig op verschillende plaatsen gevilte sjaals die me erg aanspraken. Het riep de vraag op: hoe maak je zoiets? Alsof het lot mij toeviel kwam ik via ‘n vriendin bij een kapster terecht die ook wol vilte. En wat nog frappanter was: deze kapster was de maakster van de sjaals die mij zo bezig hielden!
Terwijl mijn haar werd geknipt legde ze me de basisprincipes van het vilten uit. Met ‘n pluk wol en een mooi kapsel ging ik huiswaarts. En natuurlijk ging ik direct aan de slag om dit fascinerende gedoe met wol, wat vilten heet uit te proberen. Van het begin af aan vond ik het geweldig om op deze manier wol te zien veranderen in een vastere structuur waarvan je iets draagbaars kon maken. Ik heb altijd veel geschilderd en bemerkte dat je met de wolvezel ook kunt schilderen. Het bracht voor mij creatieve processen bij elkaar.
Door mijn werk in de zorg kwam ik op zekere dag met het “uitvaartgebeuren” in contact en dat riep de vraag op: is dit iets voor mij? Ook omdat het werken in de zorg niet echt mijn passie is. Ik besloot begrafenisonderneemster te worden en volgde een opleiding. Al snel ontdekte ik dat dat niet mijn vak was.
In mijn vrije tijd was ik nog steeds aan het vilten en op zekere dag maakte ik een heel groot kleed waarvan ik dacht, hier wil ik wel in begraven worden. Ik nam het kleed mee naar de onderneming, waar ik stage liep, mijn baas was direct zeer enthousiast. Daardoor ben ik aan de gang gegaan om verschillende grote doeken te maken die als doodskleden gebruikt werden.
Door omstandigheden was ik genoodzaakt te stoppen met de stage en na een rustperiode en overdenking bleek het maken van de kleden nog steeds een passie van mij te zijn.
Ik heb het maken weer opgepakt nu in eigen beheer onder de naam: “ENGELENWADEN”.
Waarom maak ik deze waden van vilt?
Voor mij is wol natuur, omhullend, warm, isolerend en je dekt er iemand mee toe! Vooral het laatste, iemand toedekken spreekt mij erg aan. Tevens is het materiaal organisch zoals het lichaam zelf.
Het omgaan met een uitvaart op deze manier is enerzijds confronterend maar ook heel warm! Men kan de dierbare nog aanraken en zo op een nabije manier afscheid nemen.
Het is bijzonder om je dierbaren op deze manier naar hun laatste rustplaats te brengen.
En voor mijzelf is het bijzonder omdat een wade van dit materiaal met aandacht, je zou kunnen zeggen met liefde wordt gemaakt.
Ik werk in opdracht en heb ook kleden met motieven en van ruwe wol op voorraad. Familie of vrienden kunnen zelf nog dingen aan het kleed toevoegen door er iets op te naaien, etc.
Wanneer het mogelijk is heb ik van tevoren een gesprek waarin wensen uitgesproken kunnen worden, met die wensen ga ik in mijn ontwerp aan de gang. De waden hebben een afmeting van 2.00 x 3.00 meter. Om nog een voordeel te noemen: de nabestaanden kunnen altijd een stukje van de doek als herinnering afknippen.
